De therapie

Doel van de therapie is jezelf beter te leren kennen en begrijpen. Marie-Louise van Franz (collega van Jung) zegt het mooi: “Het gaat om het (opnieuw) contact leggen met onze wortels. Het gaat er niet om “normaal” te worden, maar om “zelf”, “eigen” te worden.”

Om dit te bereiken onderzoeken we, therapeut en cliënt, onbewuste krachten. De taal van het onbewuste is niet dezelfde als die we in het dagelijks leven gebruiken. De taal van het onbewuste bestaat uit beelden.  Deze worden zichtbaar in bijvoorbeeld dromen, tekeningen en imaginaties. Ook lichamelijke klachten en ziektes, ervaringen die een emotionele impact hebben en versprekingen en vergissingen laten stukken van ons onbewuste zien. Bij dit alles gaat het om de symbolische betekenis ervan. In eerste instantie geven onze persoonlijke associaties de betekenis van de symboliek weer.  Deze associaties laten zien waar een beeld voor ons over gaat. Later kijken we ook naar sprookjes, mythologie, oude culturen, om de betekenis te verbreden en te verdiepen. Dit wordt amplificeren genoemd.

Het gaat om de hele mens, hoofd en lichaam, denken en voelen, hart en ziel. Ons lichaam wordt soms onder gewaardeerd. Maar het is het enige tastbare wat we hebben, het is datgene waarmee wij ons in de wereld manifesteren.

Wat bereikt kan worden is meer zelf acceptatie, meer natuurlijk gedrag, meer jezelf zijn. Problemen ‘lossen’ op. Andere problemen ontstaan wellicht weer, maar je kunt ze beter aan, raakt niet meer helemaal van slag. Je leert jezelf beter kennen.  Integratie ontstaat wanneer onbewuste delen beleefd en doorleefd worden, bijvoorbeeld middels imaginaties en we met ons hoofd begrijpen wat we beleven.

Er is niet een vaste methode die gebruikt wordt. Samen wordt gezocht naar manieren om weer contact te maken met de innerlijke wereld, de binnenwereld. Wat in het onbewuste, in die binnenwereld leeft, wil gekend worden. Dit kan onder andere middels dromen, tekeningen, imaginaties, of door het reflecteren op wat ons overkomt.

 

Er zijn een aantal uitgangspunten die in mijn werk doorklinken.

Wij mensen bezitten een zelfhelend vermogen. Dit vermogen ontdekken en aanboren geeft een hernieuwd vertrouwen in ons lichaam.

Lichaam en ziel, het stoffelijke en het geestelijke, zijn niet van elkaar te scheiden, zijn één.

Al ons gedrag wordt aangestuurd door het onbewuste. Er is maar een klein deel bewust. Het beeld van de rots die maar voor een klein deel boven het water uitkomt geeft dit weer.

Wat buiten ons plaatsvindt, in de buitenwereld, kan gezien worden als een projectie van de binnenwereld. Zo binnen, zo buiten. Vooral dat wat ons ‘raakt’ geeft aanwijzingen voor het leren kennen van onze binnenwereld.

De werkelijkheid wordt door een ieder op eigen wijze beleefd en gezien.

Alles is. Wij geven daar een waardering aan, of hebben er een emotie bij. Dat kleurt onze werkelijkheid en vanuit die kleuring handelen we. In therapie kan de kleur van onze werkelijkheid en daarmee onze manier van handelen veranderen.

In de grond is alles één, verbonden. Het afgescheiden voelen, is de pijn die we allemaal kennen.